Statenvertaling · Betuiging van onschuld
6Ik was mijn handen in onschuld, en ik ga rondom uw altaar, o HEERE!
7Om te doen horen de stem des lofs, en om te vertellen al Uw wonderen.
8HEERE! ik heb lief de woning van Uw huis, en de plaats des tabernakels Uwer eer.