Job 39:20-25

Statenvertaling · Des Heren eerste antwoord: de dieren der wildernis

20Zult gij het beroeren als een sprinkhaan? De pracht van zijn gesnuif is een verschrikking.

21Het graaft in den grond, en het is vrolijk in zijn kracht; en trekt uit, den geharnaste tegemoet.

22Het belacht de vreze, en wordt niet ontsteld, en keert niet wederom vanwege het zwaard.

23Tegen hem ratelt de pijlkoker, het vlammig ijzer des spies en der lans.

24Met schudding en beroering slokt het de aarde op, en gelooft niet, dat het is het geluid der bazuin.

25In het volle geklank der bazuin, zegt het: Heah! en ruikt den krijg van verre, den donder der vorsten en het gejuich.

Lees heel Job 39 →

Bijbelse onderwerpen bij dit vers

Lees Job 39:20-25 in de interactieve Bijbel →