Job 3:2-7

Statenvertaling · Jobs bittere klacht

2Want Job antwoordde en zeide:

3De dag verga, waarin ik geboren ben, en de nacht, waarin men zeide: Een knechtje is ontvangen;

4Diezelve dag zij duisternis; dat God naar hem niet vrage van boven; en dat geen glans over hem schijne;

5Dat de duisternis en des doods schaduw hem verontreinigen; dat wolken over hem wonen; dat hem verschrikken de zwarte dampen des dags!

6Diezelve nacht, donkerheid neme hem in; dat hij zich niet verheuge onder de dagen des jaars; dat hij in het getal der maanden niet kome!

7Ziet, diezelve nacht zij eenzaam; dat geen vrolijk gezang daarin kome;

Lees heel Job 3 →

Bijbelse onderwerpen bij dit vers

Lees Job 3:2-7 in de interactieve Bijbel →