Spreuken 26:23-26

Statenvertaling · Eer past de dwaas niet

23Brandende lippen, en een boos hart, zijn als een potscherf met schuim van zilver overtogen.

24Die haat draagt, gelaat zich vreemd met zijn lippen; maar in zijn binnenste stelt hij bedrog aan.

25Als hij met zijn stem smeekt, geloof hem niet, want zeven gruwelen zijn in zijn hart.

26Wiens haat door bedrog bedekt is, diens boosheid zal in de gemeente geopenbaard worden.

Lees heel Spreuken 26 →

Bijbelse onderwerpen bij dit vers

Lees Spreuken 26:23-26 in de interactieve Bijbel →