Schuim

Bijbels onderwerp · 5 Bijbelteksten · Statenvertaling

Psalmen 119:119 119Gij doet alle goddelozen der aarde weg als schuim, daarom heb ik Uw getuigenissen lief.

Spreuken 25:4 4Doe het schuim van het zilver weg, en er zal een vat voor den smelter uitkomen;

Spreuken 26:23 23Brandende lippen, en een boos hart, zijn als een potscherf met schuim van zilver overtogen.

Jesaja 1:22 22Uw zilver is geworden tot schuim; uw wijn is vermengd met water.

Ezechiël 22:18-19 18Mensenkind, die van het huis Israels zijn Mij tot schuim geworden; zij zijn allen koper, of tin, of ijzer, of lood, in het midden des ovens; zilverschuim zijn zij geworden. 19Daarom, alzo zegt de Heere HEERE: Omdat gijlieden allen tot schuim geworden zijt, daarom ziet, Ik zal u in het midden van Jeruzalem vergaderen.

Open dit onderwerp in de interactieve Bijbel →