Psalmen 30:1-6

Statenvertaling · Danklied na uitredding

1Een psalm, een lied der inwijding van Davids huis.

2Ik zal U verhogen, HEERE, want Gij hebt mij opgetrokken, en mijn vijanden over mij niet verblijd.

3HEERE, mijn God! ik heb tot U geroepen, en Gij hebt mij genezen.

4HEERE! Gij hebt mijn ziel uit het graf opgevoerd; Gij hebt mij bij het leven behouden, dat ik in den kuil niet ben nedergedaald.

5Psalmzingt den HEERE, gij Zijn gunstgenoten! en zegt lof ter gedachtenis Zijner heiligheid.

6Want een ogenblik is er in Zijn toorn, maar een leven in Zijn goedgunstigheid; des avonds vernacht het geween, maar des morgens is er gejuich.

Lees heel Psalmen 30 →

Bijbelse onderwerpen bij dit vers

Lees Psalmen 30:1-6 in de interactieve Bijbel →