Psalmen 18:28-32

Statenvertaling · Danklied des konings

28Want Gij verlost het bedrukte volk, maar de hoge ogen vernedert Gij.

29Want Gij doet mijn lamp lichten; de HEERE, mijn God, doet mijn duisternis opklaren.

30Want met U loop ik door een bende, en met mijn God spring ik over een muur.

31Gods weg is volmaakt; de rede des HEEREN is doorlouterd; Hij is een Schild allen, die op Hem betrouwen.

32Want wie is God, behalve de HEERE? En wie is een Rotssteen, dan alleen onze God?

Lees heel Psalmen 18 →

Bijbelse onderwerpen bij dit vers

Lees Psalmen 18:28-32 in de interactieve Bijbel →