Mattheüs 25:44-46

Statenvertaling · De wijze en de dwaze maagden

44Dan zullen ook dezen Hem antwoorden, zeggende: Heere, wanneer hebben wij U hongerig gezien, of dorstig, of een vreemdeling, of naakt, of krank, of in de gevangenis, en hebben U niet gediend?

45Dan zal Hij hun antwoorden en zeggen: Voorwaar zeg Ik u: Voor zoveel gij dit een van deze minsten niet gedaan hebt, zo hebt gij het Mij ook niet gedaan.

46En dezen zullen gaan in de eeuwige pijn; maar de rechtvaardigen in het eeuwige leven.

Lees heel Mattheüs 25 →

Bijbelse onderwerpen bij dit hoofdstuk

Lees Mattheüs 25:44-46 in de interactieve Bijbel →