Vreemdelingen: Gastvrijheid jegens, geëist door Jezus

Bijbels onderwerp · 3 Bijbelteksten · Statenvertaling

Mattheüs 25:35 35Want Ik ben hongerig geweest, en gij hebt Mij te eten gegeven; Ik ben dorstig geweest, en gij hebt Mij te drinken gegeven; Ik was een vreemdeling, en gij hebt Mij geherbergd.

Mattheüs 25:38 38En wanneer hebben wij U een vreemdeling gezien, en geherbergd, of naakt en gekleed?

Mattheüs 25:43 43Ik was een vreemdeling; en gij hebt Mij niet geherbergd; naakt, en gij hebt Mij niet gekleed; krank, en in de gevangenis, en gij hebt Mij niet bezocht.

Verwante onderwerpen

Open dit onderwerp in de interactieve Bijbel →