Johannes 20:26-29

Statenvertaling · De opstanding

26En na acht dagen waren Zijn discipelen wederom binnen, en Thomas met hen; en Jezus kwam, als de deuren gesloten waren, en stond in het midden, en zeide: Vrede zij ulieden!

27Daarna zeide Hij tot Thomas: Breng uw vinger hier, en zie Mijn handen, en breng uw hand, en steek ze in Mijn zijde; en zijt niet ongelovig, maar gelovig.

28En Thomas antwoordde en zeide tot Hem: Mijn Heere en mijn God!

29Jezus zeide tot hem: Omdat gij Mij gezien hebt, Thomas, zo hebt gij geloofd; zalig zijn zij, die niet zullen gezien hebben, en nochtans zullen geloofd hebben.

Lees heel Johannes 20 →

Bijbelse onderwerpen bij dit vers

Lees Johannes 20:26-29 in de interactieve Bijbel →