Hoe weten we dat God bestaat

Bijbels onderwerp · 16 Bijbelteksten · Statenvertaling

Genesis 1:27 27En God schiep den mens naar Zijn beeld; naar het beeld van God schiep Hij hem; man en vrouw schiep Hij ze.

Psalmen 19:1 1Een psalm van David, voor den opperzangmeester.

Psalmen 90:2 2Eer de bergen geboren waren, en Gij de aarde en de wereld voortgebracht hadt, ja, van eeuwigheid tot eeuwigheid zijt Gij God.

Johannes 1:1-2 1In den beginne was het Woord, en het Woord was bij God, en het Woord was God. 2Dit was in den beginne bij God.

Johannes 1:18 18Niemand heeft ooit God gezien; de eniggeboren Zoon, Die in den schoot des Vaders is, Die heeft Hem ons verklaard.

Romeinen 1:18-19 18Want de toorn Gods wordt geopenbaard van den hemel over alle goddeloosheid, en ongerechtigheid der mensen, als die de waarheid in ongerechtigheid ten onder houden. 19Overmits hetgeen van God kennelijk is, in hen openbaar is; want God heeft het hun geopenbaard.

Romeinen 1:21 21Omdat zij, God kennende, Hem als God niet hebben verheerlijkt of gedankt; maar zijn verijdeld geworden in hun overleggingen en hun onverstandig hart is verduisterd geworden;

1 Korintiërs 8:6 6Nochtans hebben wij maar een God, den Vader, uit Welken alle dingen zijn, en wij tot Hem; en maar een Heere, Jezus Christus, door Welken alle dingen zijn, en wij door Hem.

Kolossenzen 1:15 15Dewelke het Beeld is des onzienlijken Gods, de Eerstgeborene aller kreaturen.

Hebreeën 11:6 6Maar zonder geloof is het onmogelijk Gode te behagen. Want die tot God komt, moet geloven, dat Hij is, en een Beloner is dergenen, die Hem zoeken.

1 Johannes 4:8 8Die niet liefheeft, die heeft God niet gekend; want God is liefde.

Jeremia 29:13 13En gij zult Mij zoeken en vinden, wanneer gij naar Mij zult vragen met uw ganse hart.

Johannes 3:8 8De wind blaast, waarheen hij wil, en gij hoort zijn geluid; maar gij weet niet, van waar hij komt, en waar hij heen gaat; alzo is een iegelijk, die uit den Geest geboren is.

Johannes 20:29 29Jezus zeide tot hem: Omdat gij Mij gezien hebt, Thomas, zo hebt gij geloofd; zalig zijn zij, die niet zullen gezien hebben, en nochtans zullen geloofd hebben.

Romeinen 1:20 20Want Zijn onzienlijke dingen worden, van de schepping der wereld aan, uit de schepselen verstaan en doorzien, beide Zijn eeuwige kracht en Goddelijkheid, opdat zij niet te verontschuldigen zouden zijn.

Openbaring 4:11 11Gij Heere, zijt waardig te ontvangen de heerlijkheid, en de eer, en de kracht; want Gij hebt alle dingen geschapen, en door Uw wil zijn zij, en zijn zij geschapen.

Open dit onderwerp in de interactieve Bijbel →