Jesaja 3:6-7

Statenvertaling · De verleiders van het volk

6Wanneer iemand zijn broeder uit het huis zijns vaders zal aangrijpen, zeggende: Gij hebt een kleed, wees ons ten overste, laat toch dezen aanstoot onder uw hand wezen;

7Zo zal hij in dien dag zijn hand opheffen, zeggende: Ik kan geen heelmeester wezen; er is ook geen brood en geen kleed in mijn huis; zet mij niet tot een overste des volks.

Lees heel Jesaja 3 →

Bijbelse onderwerpen bij dit hoofdstuk

Lees Jesaja 3:6-7 in de interactieve Bijbel →