Statenvertaling · Het vierde gezicht: Jozua gerechtvaardigd
3Josua nu was bekleed met vuile klederen, als hij voor het aangezicht des Engels stond.
4Toen antwoordde Hij, en sprak tot degenen, die voor Zijn aangezicht stonden, zeggende: Doet deze vuile klederen van hem weg. Daarna sprak Hij tot hem: Zie, Ik heb uw ongerechtigheid van u weggenomen, en Ik zal u wisselklederen aandoen.