Statenvertaling · Boaz huwt Ruth
1En Boaz ging op in de poort, en zette zich aldaar en ziet, de losser, van welken Boaz gesproken had, ging voorbij; zo zeide hij: Wijk herwaarts, zet u hier, gij, zulk een! En hij week derwaarts, en zette zich.
2En hij nam tien mannen van de oudsten der stad, en zeide: Zet u hier; en zij zetten zich.