Romeinen 11:27-36

Statenvertaling · Israël slechts ten dele verworpen

27En dit is hun een verbond van Mij, als Ik hun zonden zal wegnemen.

28Zo zijn zij wel vijanden aangaande het Evangelie, om uwentwil, maar aangaande de verkiezing zijn zij beminden, om der vaderen wil;

29Want de genadegiften en de roeping Gods zijn onberouwelijk.

30Want gelijkerwijs ook gijlieden eertijds Gode ongehoorzaam geweest zijt, maar nu barmhartigheid verkregen hebt door dezer ongehoorzaamheid;

31Alzo zijn ook dezen nu ongehoorzaam geweest, opdat ook zij door uw barmhartigheid zouden barmhartigheid verkrijgen.

32Want God heeft hen allen onder de ongehoorzaamheid besloten, opdat Hij hun allen zou barmhartig zijn.

33O diepte des rijkdoms, beide der wijsheid en der kennis Gods, hoe ondoorzoekelijk zijn Zijn oordelen, en onnaspeurlijk Zijn wegen!

34Want wie heeft den zin des Heeren gekend? Of wie is Zijn raadsman geweest?

35Of wie heeft Hem eerst gegeven, en het zal hem wedervergolden worden?

36Want uit Hem, en door Hem, en tot Hem zijn alle dingen. Hem zij de heerlijkheid in der eeuwigheid. Amen.

Lees heel Romeinen 11 →

Bijbelse onderwerpen bij dit vers

Lees Romeinen 11:27-36 in de interactieve Bijbel →