Rechters 20:6-8

Statenvertaling · De strijd tegen de Benjaminieten

6Toen greep ik mijn bijwijf, en deelde haar, en zond haar in het ganse land der erfenis van Israel, omdat zij een schandelijke daad en dwaasheid in Israel gedaan hadden.

7Ziet, gij allen zijt kinderen Israels, geeft hier voor ulieden woord en raad!

8Toen maakte zich al het volk op, als een enig man, zeggende: Wij zullen niet gaan, een ieder naar zijn tent, noch wijken, een ieder naar zijn huis.

Lees heel Rechters 20 →

Bijbelse onderwerpen bij dit vers

Lees Rechters 20:6-8 in de interactieve Bijbel →