Rechters 2:21-22

Statenvertaling · De Engel des Heren te Bokim

21Zo zal Ik ook niet voortvaren voor hun aangezicht iemand uit de bezitting te verdrijven, van de heidenen, die Jozua heeft achtergelaten, als hij stierf;

22Opdat Ik Israel door hen verzoeke, of zij den weg des HEEREN zullen houden, om daarin te wandelen, gelijk als hun vaderen gehouden hebben, of niet.

Lees heel Rechters 2 →

Bijbelse onderwerpen bij dit vers

Lees Rechters 2:21-22 in de interactieve Bijbel →