Rechters 2:2-3

Statenvertaling · De Engel des Heren te Bokim

2En ulieden aangaande, gij zult geen verbond maken met de inwoners dezes lands; hun altaren zult gij afbreken. Maar gij zijt Mijner stem niet gehoorzaam geweest; waarom hebt gij dit gedaan?

3Daarom heb Ik ook gezegd: Ik zal hen voor uw aangezicht niet uitdrijven; maar zij zullen u aan de zijden zijn, en hun goden zullen u tot een strik zijn.

Lees heel Rechters 2 →

Bijbelse onderwerpen bij dit vers

Lees Rechters 2:2-3 in de interactieve Bijbel →