Statenvertaling · Waar blijft des Heren trouw aan David?
29Ik zal hem Mijn goedertierenheid in eeuwigheid houden, en Mijn verbond zal hem vast blijven.
30En Ik zal zijn zaad in eeuwigheid zetten, en zijn troon als de dagen der hemelen.
31Indien zijn kinderen Mijn wet verlaten, en in Mijn rechten niet wandelen;
32Indien zij Mijn inzettingen ontheiligen, en Mijn geboden niet houden;
33Zo zal Ik hun overtreding met de roede bezoeken, en hun ongerechtigheid met plagen.