Psalmen 18:22-27

Statenvertaling · Danklied des konings

22Want ik heb des HEEREN wegen gehouden, en ben van mijn God niet goddelooslijk afgegaan.

23Want al Zijn rechten waren voor mij, en Zijn inzettingen deed ik niet van mij weg.

24Maar ik was oprecht bij Hem, en ik wachtte mij voor mijn ongerechtigheid.

25Zo gaf mij de HEERE weder naar mijn gerechtigheid, naar de reinigheid mijner handen, voor Zijn ogen.

26Bij den goedertierene houdt Gij U goedertieren, bij den oprechten man houdt Gij U oprecht.

27Bij den reine houdt Gij U rein, maar bij den verkeerde bewijst Gij U een Worstelaar.

Lees heel Psalmen 18 →

Bijbelse onderwerpen bij dit vers

Lees Psalmen 18:22-27 in de interactieve Bijbel →