Psalmen 142:4-6

Statenvertaling · Gebed van een gevangene

4Als mijn geest in mij overstelpt was, zo hebt Gij mijn pad gekend. Zij hebben mij een strik verborgen op den weg, dien ik gaan zou.

5Ik zag uit ter rechterhand, en ziet, zo was er niemand, die mij kende, er was geen ontvlieden voor mij; niemand zorgde voor mijn ziel.

6Tot U riep ik, o HEERE! ik zeide: Gij zijt mijn Toevlucht, mijn Deel in het land der levenden.

Lees heel Psalmen 142 →

Bijbelse onderwerpen bij dit vers

Lees Psalmen 142:4-6 in de interactieve Bijbel →