Prediker 2:10-11

Statenvertaling · Het genot van de goederen des levens is ijdelheid

10En al wat mijn ogen begeerden, dat onttrok ik hun niet; ik wederhield mijn hart niet van enige blijdschap, maar mijn hart was verblijd vanwege al mijn arbeid; en dit was mijn deel van al mijn arbeid.

11Toen wendde ik mij tot al mijn werken, die mijn handen gemaakt hadden, en tot den arbeid, dien ik werkende gearbeid had; ziet, het was al ijdelheid en kwelling des geestes, en daarin was geen voordeel onder de zon.

Lees heel Prediker 2 →

Bijbelse onderwerpen bij dit vers

Lees Prediker 2:10-11 in de interactieve Bijbel →