Bijbels onderwerp · 5 Bijbelteksten · Statenvertaling
Spreuken 6:6 6Ga tot de mier, gij luiaard! zie haar wegen, en word wijs;
Spreuken 30:25 25De mieren zijn een onsterk volk; evenwel bereiden zij in de zomer haar spijs.
Spreuken 6:6-11 6Ga tot de mier, gij luiaard! zie haar wegen, en word wijs; 7Dewelke, geen overste, ambtman noch heerser hebbende, 8Haar brood bereidt in den zomer, haar spijs vergadert in den oogst. 9Hoe lang zult gij, luiaard, nederliggen? Wanneer zult gij van uw slaap opstaan? 10Een weinig slapens, een weinig sluimerens, een weinig handvouwens, al nederliggende; 11Zo zal uw armoede u overkomen als een wandelaar, en uw gebrek als een gewapend man.
Spreuken 30:24-25 24Deze vier zijn van de kleinste der aarde; doch dezelve zijn wijs, met wijsheid wel voorzien. 25De mieren zijn een onsterk volk; evenwel bereiden zij in de zomer haar spijs.
Spreuken 6:6-8 6Ga tot de mier, gij luiaard! zie haar wegen, en word wijs; 7Dewelke, geen overste, ambtman noch heerser hebbende, 8Haar brood bereidt in den zomer, haar spijs vergadert in den oogst.
Open dit onderwerp in de interactieve Bijbel →