Jezus Christus: Macht van, om zonden te vergeven

Bijbels onderwerp · 10 Bijbelteksten · Statenvertaling

Mattheüs 9:2 2En Jezus, hun geloof ziende, zeide tot den geraakte: Zoon! wees welgemoed; uw zonden zijn u vergeven.

Mattheüs 9:6 6Doch opdat gij moogt weten, dat de Zoon des mensen macht heeft op de aarde, de zonden te vergeven (toen zeide Hij tot den geraakte): Sta op, neem uw bed op, en ga heen naar uw huis.

Marcus 2:5 5En Jezus, hun geloof ziende, zeide tot den geraakte: Zoon, uw zonden zijn u vergeven.

Marcus 2:10 10Doch opdat gij moogt weten, dat de Zoon des mensen macht heeft, om de zonden op de aarde te vergeven (zeide Hij tot den geraakte):

Lucas 5:20 20En Hij ziende hun geloof, zeide tot hem: Mens, uw zonden zijn u vergeven.

Lucas 5:24 24Doch opdat gij moogt weten, dat de Zoon des mensen macht heeft op de aarde, de zonde te vergeven (zeide Hij tot den geraakte): Ik zeg u, sta op, en neem uw beddeken op, en ga heen naar uw huis.

Lucas 7:47-49 47Daarom zeg Ik u: Haar zonden zijn haar vergeven, die vele waren; want zij heeft veel liefgehad; maar dien weinig vergeven wordt, die heeft weinig lief. 48En Hij zeide tot haar: Uw zonden zijn u vergeven. 49En die mede aanzaten, begonnen te zeggen bij zichzelven: Wie is Deze, Die ook de zonden vergeeft?

Handelingen 5:31 31Deze heeft God door Zijn rechter hand verhoogd tot een Vorst en Zaligmaker, om Israel te geven bekering en vergeving der zonden.

Kolossenzen 3:13 13Verdragende elkander, en vergevende de een den anderen, zo iemand tegen iemand enige klacht heeft; gelijkerwijs als Christus u vergeven heeft, doet ook gij alzo.

Lucas 7:50 50Maar Hij zeide tot de vrouw: Uw geloof heeft u behouden; ga heen in vrede.

Verwante onderwerpen

Open dit onderwerp in de interactieve Bijbel →