Statenvertaling · Het dagelijks offer en de feestoffers
21Tot elk zult gij een tiende deel bereiden tot een lam, tot die zeven lammeren toe.
22Daarna een bok ten zondoffer, om over ulieden verzoening te doen.
23Behalve het morgenbrandoffer, hetwelk tot een gedurig brandoffer is, zult gij deze dingen bereiden.