Statenvertaling · De bloeiende staf van Aäron
11En Mozes deed het; gelijk als de HEERE hem geboden had, alzo deed hij.
12Toen spraken de kinderen Israels tot Mozes, zeggende: Zie, wij geven den geest, wij vergaan, wij allen vergaan!
13Al wie enigzins nadert tot den tabernakel des HEEREN, zal sterven; zullen wij dan den geest gevende verdaan worden?