Micha 7:1-2

Statenvertaling · De grote ongerechtigheid

1Ai mij! want ik ben, als wanneer de zomervruchten zijn ingezameld; als wanneer de nalezingen in den wijnoogst geschied zijn; er is geen druif om te eten; mijn ziel begeert vroegrijpe vrucht.

2De goedertierene is vergaan uit het land, en er is niemand oprecht onder de mensen; zij loeren altemaal op bloed, zij jagen, een iegelijk zijn broeder, met een jachtgaren.

Lees heel Micha 7 →

Bijbelse onderwerpen bij dit vers

Lees Micha 7:1-2 in de interactieve Bijbel →