Mattheüs 8:26-27

Statenvertaling · De genezing van een melaatse

26En Hij zeide tot hen: Wat zijt gij vreesachtig, gij kleingelovigen? Toen stond Hij op, en bestrafte de winden en de zee; en er werd grote stilte.

27En de mensen verwonderden zich, zeggende: Hoedanig een is Deze, dat ook de winden en de zee Hem gehoorzaam zijn!

Lees heel Mattheüs 8 →

Bijbelse onderwerpen bij dit vers

Lees Mattheüs 8:26-27 in de interactieve Bijbel →