Mattheüs 6:16-18

Statenvertaling · De Bergrede – het Onze Vader

16En wanneer gij vast, toont geen droevig gezicht, gelijk de geveinsden; want zij mismaken hun aangezichten, opdat zij van de mensen mogen gezien worden, als zij vasten. Voorwaar, Ik zeg u, dat zij hun loon weg hebben.

17Maar gij, als gij vast, zalft uw hoofd, en wast uw aangezicht;

18Opdat het van de mensen niet gezien worde, als gij vast, maar van uw Vader, Die in het verborgen is; en uw Vader, Die in het verborgen ziet, zal het u in het openbaar vergelden.

Lees heel Mattheüs 6 →

Bijbelse onderwerpen bij dit vers

Lees Mattheüs 6:16-18 in de interactieve Bijbel →