Statenvertaling · De opstanding en het zendingsbevel
1En laat na de sabbat, als het begon te lichten, tegen den eersten dag der week, kwam Maria Magdalena, en de andere Maria, om het graf te bezien.
2En ziet, er geschiedde een grote aardbeving; want een engel des Heeren, nederdalende uit den hemel, kwam toe, en wentelde de steen af van de deur, en zat op denzelven.
3En zijn gedaante was gelijk een bliksem, en zijn kleding wit gelijk sneeuw.
4En uit vrees van hem zijn de wachters zeer verschrikt geworden, en werden als doden.