Statenvertaling · Gethsemane – de gevangenneming
65Toen verscheurde de hogepriester zijn klederen, zeggende: Hij heeft God gelasterd, wat hebben wij nog getuigen van node? Ziet, nu hebt gij Zijn gods lastering gehoord.
66Wat dunkt ulieden? En zij, antwoordende, zeiden: Hij is des doods schuldig.
67Toen spogen zij in Zijn aangezicht, en sloegen Hem met vuisten.