Statenvertaling · Gethsemane – de gevangenneming
52Toen zeide Jezus tot hem: Keer uw zwaard weder in zijn plaats; want allen, die het zwaard nemen, zullen door het zwaard vergaan.
53Of meent gij, dat Ik Mijn Vader nu niet kan bidden, en Hij zal Mij meer dan twaalf legioenen engelen bijzetten?
54Hoe zouden dan de Schriften vervuld worden, die zeggen, dat het alzo geschieden moet?