Statenvertaling · De verheerlijking op de berg
7En Jezus, bij hen komende, raakte hen aan, en zeide: Staat op en vreest niet.
8En hun ogen opheffende, zagen zij niemand, dan Jezus alleen.
9En als zij van de berg afkwamen, gebood hun Jezus, zeggende: Zegt niemand dit gezicht, totdat de Zoon des mensen zal opgestaan zijn uit de doden.