Marcus 4:26-29

Statenvertaling · De gelijkenis van de zaaier

26En Hij zeide: Alzo is het Koninkrijk Gods, gelijk of een mens het zaad in de aarde wierp;

27En voorts sliep, en opstond, nacht en dag; en het zaad uitsproot en lang werd, dat hij zelf niet wist, hoe.

28Want de aarde brengt van zelve vruchten voort: eerst het kruid, daarna de aar, daarna het volle koren in de aar.

29En als de vrucht zich voordoet, terstond zendt hij de sikkel daarin, omdat de oogst daar is.

Lees heel Marcus 4 →

Bijbelse onderwerpen bij dit vers

Lees Marcus 4:26-29 in de interactieve Bijbel →