Marcus 10:32-33

Statenvertaling · Naar Jeruzalem – Gesprekken op de reis

32En zij waren op den weg, gaande op naar Jeruzalem; en Jezus ging voor hen; en zij waren verbaasd, en Hem volgende, waren zij bevreesd. En de twaalven wederom tot Zich nemende, begon Hij hun te zeggen de dingen, die Hem overkomen zouden;

33Zeggende: Ziet, wij gaan op naar Jeruzalem, en de Zoon des mensen zal den overpriesteren, en den Schriftgeleerden overgeleverd worden, en zij zullen Hem ter dood veroordelen, en Hem den heidenen overleveren;

Lees heel Marcus 10 →

Bijbelse onderwerpen bij dit vers

Lees Marcus 10:32-33 in de interactieve Bijbel →