Lucas 8:51-56

Statenvertaling · De vrouwen die Jezus dienden

51En als Hij in het huis kwam, liet Hij niemand inkomen, dan Petrus, en Jakobus, en Johannes, en den vader en de moeder des kinds.

52En zij schreiden allen, en maakten misbaar over hetzelve. En Hij zeide: Schreit niet; zij is niet gestorven; maar zij slaapt.

53En zij belachten Hem, wetende, dat zij gestorven was.

54Maar als Hij ze allen uitgedreven had, greep Hij haar hand en riep, zeggende: Kind, sta op!

55En haar geest keerde weder, en zij is terstond opgestaan; en Hij gebood, dat men haar te eten geven zoude.

56En haar ouders ontzetten zich; en Hij beval hun, dat zij niemand zouden zeggen hetgeen geschied was.

Lees heel Lucas 8 →

Bijbelse onderwerpen bij dit vers

Lees Lucas 8:51-56 in de interactieve Bijbel →