Lucas 23:28-31

Statenvertaling · Voor Pilatus

28En Jezus, Zich tot haar kerende zeide: Gij dochters van Jeruzalem! weent niet over Mij, maar weent over uzelven, en over uw kinderen.

29Want ziet, er komen dagen, in welke men zeggen zal: Zalig zijn de onvruchtbaren, en de buiken, die niet gebaard hebben, en de borsten, die niet gezoogd hebben.

30Alsdan zullen zij beginnen te zeggen tot de bergen: Valt op ons; en tot de heuvelen: Bedekt ons.

31Want indien zij dit doen aan het groene hout, wat zal aan het dorre geschieden?

Lees heel Lucas 23 →

Bijbelse onderwerpen bij dit vers

Lees Lucas 23:28-31 in de interactieve Bijbel →