Lucas 14:25-31

Statenvertaling · De genezing van een waterzuchtige op sabbat

25En vele scharen gingen met Hem; en Hij, Zich omkerende, zeide tot hen:

26Indien iemand tot Mij komt en niet haat zijn vader, en moeder, en vrouw, en kinderen, en broeders, en zusters, ja, ook zelfs zijn eigen leven, die kan Mijn discipel niet zijn.

27En wie zijn kruis niet draagt, en Mij navolgt, die kan Mijn discipel niet zijn.

28Want wie van u, willende een toren bouwen, zit niet eerst neder, en overrekent de kosten, of hij ook heeft, hetgeen tot volmaking nodig is?

29Opdat niet misschien, als hij het fondament gelegd heeft, en niet kan voleindigen, allen, die het zien, hem beginnen te bespotten.

30Zeggende: Deze mens heeft begonnen te bouwen, en heeft niet kunnen voleindigen.

31Of wat koning, gaande naar den krijg, om tegen een anderen koning te slaan, zit niet eerst neder, en beraadslaagt, of hij machtig is met tien duizend te ontmoeten dengene, die met twintig duizend tegen hem komt?

Lees heel Lucas 14 →

Bijbelse onderwerpen bij dit vers

Lees Lucas 14:25-31 in de interactieve Bijbel →