Lucas 1:26-30

Statenvertaling · Aankondiging van Johannes en Jezus

26En in de zesde maand werd de engel Gabriel van God gezonden naar een stad in Galilea, genaamd Nazareth;

27Tot een maagd, die ondertrouwd was met een man, wiens naam was Jozef, uit den huize Davids; en de naam der maagd was Maria.

28En de engel tot haar ingekomen zijnde, zeide: Wees gegroet, gij begenadigde; de Heere is met u; gij zijt gezegend onder de vrouwen.

29En als zij hem zag, werd zij zeer ontroerd over dit zijn woord, en overlegde, hoedanig deze groetenis mocht zijn.

30En de engel zeide tot haar: Vrees niet, Maria, want gij hebt genade bij God gevonden.

Lees heel Lucas 1 →

Bijbelse onderwerpen bij dit vers

Lees Lucas 1:26-30 in de interactieve Bijbel →