Leviticus 8:25-26

Statenvertaling · Wijding van Aäron en zijn zonen

25En hij nam het vet, en den staart, en al het vet, dat aan het ingewand is, en het net der lever, en de beide nieren, en haar vet, daartoe den rechterschouder.

26Ook nam hij uit den korf van de ongezuurde broden, die voor het aangezicht des HEEREN was, een ongezuurde koek, en een geolieden broodkoek, en een vlade; en hij legde ze op dat vet, en op den rechterschouder.

Lees heel Leviticus 8 →

Bijbelse onderwerpen bij dit vers

Lees Leviticus 8:25-26 in de interactieve Bijbel →