Leviticus 7:7-11

Statenvertaling · Het schuldoffer

7Gelijk het zondoffer, alzo zal ook het schuldoffer zijn; enerlei wet zal voor dezelve zijn; het zal des priesters zijn, die daarmede verzoening gedaan zal hebben.

8Ook de priester, die iemands brandoffer offert, die priester zal de huid des brandoffers hebben, dat hij geofferd heeft.

9Daartoe al het spijsoffer, dat in den oven gebakken wordt, met al wat in den ketel en in den pan bereid wordt, zal des priesters zijn, die dat offert.

10Ook alle spijsoffer met olie gemengd, of droog, zal voor alle zonen van Aaron zijn, voor den enen als voor den anderen.

11Dit is nu de wet des dankoffers, dat men den HEERE offeren zal.

Lees heel Leviticus 7 →

Bijbelse onderwerpen bij dit vers

Lees Leviticus 7:7-11 in de interactieve Bijbel →