Leviticus 7:11-15

Statenvertaling · Het schuldoffer

11Dit is nu de wet des dankoffers, dat men den HEERE offeren zal.

12Indien hij dat tot een lof offer offert, zo zal hij, nevens het lofoffer, ongezuurde koeken met olie gemengd, en ongezuurde vladen met olie bestreken, offeren; en zullen die koeken met olie gemengd van geroost meelbloem zijn.

13Benevens de koeken zal hij tot zijn offerande gedesemd brood offeren, met het lofoffer zijns dankoffers.

14En een daarvan uit de ganse offerande zal hij den HEERE ten hefoffer offeren; het zal voor den priester zijn, die het bloed des dankoffers sprengt.

15Maar het vlees van het lofoffer zijns dankoffers zal op den dag van deszelfs offerande gegeten worden; daarvan zal men niet tot den morgen overlaten.

Lees heel Leviticus 7 →

Bijbelse onderwerpen bij dit vers

Lees Leviticus 7:11-15 in de interactieve Bijbel →