Statenvertaling · Huwelijks- en kuisheidswetten
21En van uw zaad zult gij niet geven, om voor den Molech door het vuur te doen gaan; en den Naam uws Gods zult gij niet ontheiligen; Ik ben de HEERE!
22Bij een manspersoon zult gij niet liggen met vrouwelijke bijligging; dit is een gruwel.