Leviticus 13:31-32

Statenvertaling · Melaatsheid

31Maar als de priester de plaag der schurftheid zal bezien hebben, dat, ziet, haar aanzien niet dieper is dan het vel, en geen zwart haar daarop is, zo zal de priester hem, die de plaag der schurftheid heeft, zeven dagen doen opsluiten.

32Daarna zal de priester die plaag op den zevenden dag bezien; indien, ziet, de schurftheid niet uitgespreid, en daarop geen geelachtig haar is, noch het aanzien der schurftheid dieper dan het vel is;

Lees heel Leviticus 13 →

Bijbelse onderwerpen bij dit hoofdstuk

Lees Leviticus 13:31-32 in de interactieve Bijbel →