Leviticus 11:30-31

Statenvertaling · Reine en onreine dieren

30En de zwijnegel, en de krokodil, en de hagedis, en de slak, en de mol;

31Die zullen u onrein zijn onder alle kruipend gedierte; zo wie die zal aangeroerd hebben, als zij dood zijn, zal onrein zijn tot aan den avond.

Lees heel Leviticus 11 →

Bijbelse onderwerpen bij dit vers

Lees Leviticus 11:30-31 in de interactieve Bijbel →