Leviticus 11:3-7

Statenvertaling · Reine en onreine dieren

3Al wat onder de beesten de klauw verdeelt, en de kloof der klauwen in tweeen klieft, en herkauwt, dat zult gij eten.

4Deze nochtans zult gij niet eten, van degenen, die alleen herkauwen, of de klauwen alleen verdelen: de kemel, want hij herkauwt wel, maar verdeelt den klauw niet; die zal u onrein zijn;

5En het konijntje, want het herkauwt wel, maar verdeelt den klauw niet; dat zal u onrein zijn;

6En den haas, want hij herkauwt wel, maar verdeelt den klauw niet; die zal u onrein zijn.

7Ook het zwijn, want dat verdeelt wel den klauw, en klieft de klove der klauwen in tweeen, maar herkauwt het gekauwde niet; dat zal u onrein zijn.

Lees heel Leviticus 11 →

Bijbelse onderwerpen bij dit vers

Lees Leviticus 11:3-7 in de interactieve Bijbel →