Johannes 4:34-35

Statenvertaling · Het gesprek met de Samaritaanse vrouw

34Jezus zeide tot hen: Mijn spijs is, dat Ik doe den wil Desgenen, Die Mij gezonden heeft, en Zijn werk volbrenge.

35Zegt gijlieden niet: Het zijn nog vier maanden, en dan komt de oogst? Ziet, Ik zeg u: Heft uw ogen op en aanschouwt de landen; want zij zijn alrede wit om te oogsten.

Lees heel Johannes 4 →

Bijbelse onderwerpen bij dit vers

Lees Johannes 4:34-35 in de interactieve Bijbel →