Job 9:3-12

Statenvertaling · Jobs antwoord aan Bildad: tegen God kan niemand op

3Zo Hij lust heeft, om met hem te twisten, niet een uit duizend zal hij Hem beantwoorden.

4Hij is wijs van hart, en sterk van kracht; wie heeft zich tegen Hem verhard, en vrede gehad?

5Die de bergen verzet, dat zij het niet gewaar worden, Die ze omkeert in Zijn toorn;

6Die de aarde beweegt uit haar plaats, dat haar pilaren schudden;

7Die de zon gebiedt, en zij gaat niet op; en verzegelt de sterren;

8Die alleen de hemelen uitbreidt, en treedt op de hoogten der zee;

9Die den Wagen maakt, den Orion, en het Zevengesternte, en de binnenkameren van het Zuiden;

10Die grote dingen doet, die men niet doorzoeken kan; en wonderen, die men niet tellen kan.

11Zie, Hij zal voor mij henengaan, en ik zal Hem niet zien; en Hij zal voorbijgaan, en ik zal Hem niet merken.

12Zie, Hij zal roven, wie zal het Hem doen wedergeven? Wie zal tot Hem zeggen: Wat doet Gij?

Lees heel Job 9 →

Bijbelse onderwerpen bij dit vers

Lees Job 9:3-12 in de interactieve Bijbel →