Job 31:24-25

Statenvertaling · Jobs slotrede: de eed van onschuld

24Zo ik het goud tot mijn hoop gezet heb, of tot het fijn goud gezegd heb: Gij zijt mijn vertrouwen;

25Zo ik blijde ben geweest, omdat mijn vermogen groot was, en omdat mijn hand geweldig veel verkregen had;

Lees heel Job 31 →

Bijbelse onderwerpen bij dit vers

Lees Job 31:24-25 in de interactieve Bijbel →