Job 29:13-15

Statenvertaling · Jobs slotrede: de dagen van voorheen

13De zegen desgenen, die verloren ging, kwam op mij; en het hart der weduwe deed ik vrolijk zingen.

14Ik bekleedde mij met gerechtigheid, en zij bekleedde mij; mijn oordeel was als een mantel en vorstelijke hoed.

15Den blinden was ik tot ogen, en den kreupelen was ik tot voeten.

Lees heel Job 29 →

Bijbelse onderwerpen bij dit vers

Lees Job 29:13-15 in de interactieve Bijbel →